BLØF's cd 'Watermakers' tekstquotes

'Je keek me na, ik deed mijn ogen dicht
ik zag nog je gezicht maar was alleen
alleen met mijn vrienden en ik wist dat het al laat was
en dat jij steeds sneller uit het zicht verdween'
(uit 'Hier')
'Vergeten kan ik niet
want in haar ogen zag ik iets
van liefde en vermogen
tot zo'n groot mededogen
als je maar zelden ziet'
(uit 'Vrouw op de veranda')
'Daar komt mijn schip al aan
ik kijk vanaf het strand
schrijven in het zand
is voor mij nu wel gedaan
want de letters van je naam
blijven in het zand niet staan
maar de wetten van het land
gelden niet op volle zee
dus ik neem je naam maar mee
gun me een vaarwel
en vergeef me dat ik hardop
alle passen tel'
(uit 'Dansen aan zee')
'Vraag me niet wat ik verwacht
van zoveel wanhoop in één man
die maar aan één vrouw denken kan'
(uit 'Ze is er niet')
'Ik heb gewacht
tot het echt niet langer kon
tot de zon alweer te hoog stond
ik bedacht dat jij meer hebt om te blijven
en dat ik me laat verdrijven'
(uit 'Waar de oceaan begint')
'Ontmoet me in het duister
waar geen enkel oog ons schaadt
waar het om twee mensen gaat
aan hun liefdesbed gekluisterd'
(uit 'Duister')
'Maar ik kan er wel mee leven
want wat mooi is duurt maar even
dat is lang genoeg voor mij
al ben ik stiekem toch wel blij
dat ik haar snel heb opgeschreven'
(uit 'Engel voor één dag')
'Het is goed zolang het duurt
hele jaren, of een uur
maar neem wat van jou is
neem mijn ziel, neem mijn vuur'
(uit 'Halverwege')
'Blader maar niet meer
in je dagboek en schriften
alle potloden en stiften
schreven nooit iets neer
dat je nu houvast kan geven
doe nog één keer wat ik zeg
streep mijn naam maar weg'
(uit 'Streep mijn naam maar weg')
'Of ik klamp mijn vrienden aan
ga in hun licht of schaduw staan
ik heb alles al gedaan
maar de twijfel blijft bestaan'
(uit 'Monsters slapen nooit')
'Ik zoek een eiland in tranen
mijn voeten op jouw diepe grond
was het zout uit mijn wond
bij een zuivere bron
dus open voor mij alle kranen'
(uit 'Watermakers')
'Mijn lied kan nog zo triest zijn
maar het troost het dwaze hart
mijn hart dat brak omdat het wilde
maar zich vertilde aan jouw pijn'
(uit 'Heimwee')
'Maar elke zwarte nacht
een beker vol venijn
ik ben niet ziek
maar ik had beter kunnen zijn'
(uit 'Twee koude handen')Henk van Bruggen ©2000